Aanvang 09:30 uur.

Voorganger: dhr. B. Veld, Haren (D)

Ouderling:    dhr. A. Olthof

Organist:      dhr. G, Kloeze, Stadskanaal

Orgelspel

Welkom, afkondigingen en kaarsen aansteken

Intochtslied: NLB 280: 1 – 3       (De vreugde voert ons naar dit huis)

1  De vreugde voert ons naar dit huis

waar ’t woord aan ons geschiedt.

God roept zijn naam over ons uit

en wekt in ons het lied.

2  Dit huis van hout en steen, dat lang

de stormen heeft doorstaan,

waar nog de wolk gebeden hangt

van wie zijn voorgegaan,

 3  dit huis, dat alle sporen draagt

van wie maar mensen zijn,

de pijler die het alles schraagt,

wilt Gij die voor ons zijn?

Stilte, Votum en Groet

Zingen: NLB 280: 4, 5 en 7        (vervolg)

4  Zal dit een huis, een plaats zijn waar

de hemel open gaat,

waar Gij ons met uw eng’len troost,

waar Gij U vinden laat?

5  Onthul ons dan uw aangezicht,

uw naam, die mét ons gaat

en heilig ons hier met uw licht,

uw voorbedachte raad.

7  Dit huis slijt mét ons aan de tijd,

maar blijven zal de kracht

die wie hier schuilen verder leidt

tot alles is volbracht.

Gebed om ontferming

Zingen: NLB 978: 1, 2 en 4        (Aan u behoort o Heer der heren)

1  Aan U behoort, o Heer der heren,

de aarde met haar wel en wee,

de steile bergen, koele meren,

het vaste land, de onzekere zee.

Van U getuigen dag en nacht.

Gij hebt ze heerlijk voortgebracht.

2  Gij roept het jonge leven wakker,

een tuin bloeit rond het open graf.

Er ruisen halmen op de akker

waar zich het zaad verloren gaf.

En vele korrels vormen saam

een kostbaar brood in uwe naam.

4  Laat dan mijn hart U toebehoren

en laat mij door de wereld gaan

met open ogen, open oren

om al uw tekens te verstaan.

Dan is het aardse leven goed,

omdat de hemel mij begroet.

Gebed om verlichting met de Heilige Geest

KND (Als er kind(eren) zijn zingen we: Wij gaan voor even uit elkaar)

1ste Schriftlezing: Jeremia 1: 4 – 10

Jeremia geroepen

[4] De HEER richtte zich tot mij: [5] ‘Voordat Ik je vormde in de moederschoot, had Ik je al uitgekozen, voordat je de moederschoot verliet, had Ik je al aan mij gewijd, je een profeet voor alle volken gemaakt.’ [6] Ik riep: ‘Nee, HEER, mijn God! Ik kan het woord niet voeren, ik ben te jong.’ [7] Maar de HEER antwoordde: ‘Zeg niet: “Ik ben te jong.” Richt je tot iedereen naar wie Ik je zend en zeg alles wat Ik je opdraag. [8] Wees voor niemand bang, want Ik zal je terzijde staan en je redden – spreekt de HEER.’ [9] En de HEER strekte zijn hand uit, raakte mijn mond aan en zei tegen mij: ‘Hiermee leg Ik mijn woorden in jouw mond. [10] Nu, op deze dag, geef Ik je gezag over alle koninkrijken en volken, om ze uit te rukken en te verwoesten, te vernietigen en af te breken, of om ze op te bouwen en te planten.’

2de Schriftlezing: Mattheüs 25: 14 – 30

[14] Of het zal zijn als met een man die op reis ging, zijn dienaren bij zich riep en het geld dat hij bezat aan hen in beheer gaf. [15] Aan de een gaf hij vijf talent, aan een ander twee, en aan nog een ander één, ieder naar wat hij aankon. Toen vertrok hij. Meteen [16] ging de man die vijf talent ontvangen had op weg om er handel mee te drijven, en zo verdiende hij er vijf talent bij. [17] Op dezelfde wijze verdiende de man die er twee had gekregen er twee bij. [18] Degene die één talent ontvangen had, besloot het geld van zijn heer te verstoppen: hij begroef het. [19] Na lange tijd keerde de heer van die dienaren terug en vroeg hun rekenschap. [20] Degene die vijf talent ontvangen had, kwam naar hem toe en overhandigde hem nog vijf talent erbij met de woorden: “Heer, u hebt mij vijf talent in beheer gegeven, alstublieft, ik heb er vijf bij verdiend.” [21] Zijn heer zei tegen hem: “Voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar. Omdat je betrouwbaar was in het beheer van een klein bedrag, zal ik je over veel meer aanstellen. Wees welkom bij het feestmaal van je heer.” [22] Ook degene die twee talent ontvangen had, kwam naar hem toe en zei: “Heer, u hebt mij twee talent in beheer gegeven, alstublieft, ik heb er twee bij verdiend.” [23] Zijn heer zei tegen hem: “Voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar. Omdat je betrouwbaar was in het beheer van een klein bedrag, zal ik je over veel meer aanstellen. Wees welkom bij het feestmaal van je heer.” [24] Nu kwam ook degene die één talent ontvangen had naar hem toe. Hij zei: “Heer, ik wist van u dat u streng bent, dat u maait waar u niet hebt gezaaid en oogst waar u niet hebt geplant, [25] en uit angst besloot ik uw talent te begraven. Alstublieft, hier hebt u het terug.” [26] Zijn heer antwoordde hem: “Je bent een slechte, luie dienaar. Je wist dat ik maai waar ik niet heb gezaaid en oogst waar ik niet heb geplant? [27] Dan had je mijn geld dus bij de bank in bewaring moeten geven, zodat ik het bij mijn terugkomst met rente zou hebben teruggekregen. [28] Neem hem dat talent af en geef het aan degene die er tien heeft. [29] Want wie heeft zal nog meer krijgen, en wel in overvloed, maar wie niets heeft, hem zal zelfs het laatste worden ontnomen. [30] En die nutteloze dienaar, gooi hem eruit, in de uiterste duisternis, waar men jammert en knarsetandt.”

Zingen: NLB 912: 1 – 3              (Neem mijn leven)

1  Neem mijn leven, laat het, Heer,

toegewijd zijn aan uw eer.

Maak mijn uren en mijn tijd

tot uw lof en dienst bereid.

2  Neem mijn handen, maak ze sterk,

trouw en vaardig tot uw werk.

Maak dat ik mijn voeten zet

op de wegen van uw wet.

3  Neem mijn stem, opdat mijn lied

U, mijn koning, hulde biedt.

Maak, o Heer, mijn lippen rein,

dat zij uw getuigen zijn.

Prediking

Orgelspel (kinderen terug)

Zingen: NLB 418: 1 – 4               (God schenk ons de kracht)

1  God, schenk ons de kracht

dicht bij U te blijven,

dan zal ons geen macht

uit elkander drijven.

Zijn wij in U een,

samen op uw wegen

dan wordt ons tot zegen

lachen en geween.

2  Niemand kan alleen,

Heer, uw zegen dragen;

zegen drijft ons heen

naar wie vrede vragen.

Wat Gij schenkt wordt meer

naar gelang wij delen,

horen, helpen, helen, –

vruchtbaar in de Heer.

3  Vrede, vrede laat

Gij in onze handen,

dat wij die als zaad

dragen door de landen,

zaaiend dag aan dag,

zaaiend in den brede,

totdat in uw vrede

ons hart rusten mag.

4  God, schenk ons de kracht

dicht bij U te blijven,

dan zal ons geen macht

uit elkander drijven.

Zijn wij in U een,

samen op uw wegen

dan wordt ons tot zegen

lachen en geween.

Gebeden, afgesloten met Onze Vader

Onze Vader die in de hemelen zijt,

uw naam worde geheiligd;

uw Koninkrijk kome;

uw wil geschiede,

gelijk in de hemel alzo ook op de aarde.

Geef ons heden ons dagelijks brood;

en vergeef ons onze schulden,

gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren;

en leid ons niet in verzoeking,

maar verlos ons van de boze.

Want van u is het Koninkrijk en de kracht

en de heerlijkheid tot in eeuwigheid. Amen.

Aankondiging Collecten (in de hal)

De eerste collecte is voor Diaconie.

De tweede collecte is voor Beheer kerk.

De derde collecte is voorhet Liliane Fonds.

Slotlied: NLB 416: 1 en 4           (Ga met God en hij zal met je gaan)

1  Ga met God en Hij zal met je zijn,

jou nabij op al je wegen

met zijn raad en troost en zegen.

Ga met God en Hij zal met je zijn.

4  Ga met God en Hij zal met je zijn

tot wij weer elkaar ontmoeten,

in zijn naam elkaar begroeten.

Ga met God en Hij zal met je zijn.

Wegzending en Zegen – Amenlied 415: 3

3  Amen, amen, amen!

Dat wij niet beschamen

Jezus Christus onze Heer,

amen, God, uw naam ter eer!

Orgelspel